mei
30
2017

Braamstruik-roeping

Author // frits_tromp1
Posted in // Ds. van Zanten

Exodus 3: 1 – 15
Een aantal punten, die ik uit deze geschiedenis, deze toledot, wil halen.
God is een God die weet wat er gebeurt. Hij zit niet van een afstandje lijdzaam toe te kijken, maar is nauw betrokken op de aarde en in het bijzonder op Zijn volk.
God roept concrete mensen om erop uit te sturen. Mensen zoals jij en ik. Geen heilige mensen die nooit wat fout doen. Mozes is daar een voorbeeld van. Hij is een gewezen Egyptische prins, een moordenaar (Ex. 2: 11 – 15; let op de vraag die wordt gesteld in 2: 14: “Wie heeft jou als leider en rechter over ons aangesteld?”)
God is een levende God. Dat bewijst Zijn naam JHWH: Ik ben. Dat is niet iets van vroeger (Ik was) of van de toekomst (Ooit zal Ik er zijn, als de omstandigheden goed zijn). Nee, God is en Hij is Wie Hij is. Juist in het concrete leven van nu laat Hij zich kennen. Naar deze omschrijving grijpt de evangelist Johannes terug, als hij Jezus zijn ‘Ik ben’-uitspraken laat doen: Ik ben de Goede Herder, Ik ben de weg, de waarheid en het leven, Ik ben het levende water.
God gaat om met levende mensen. Hij is de God van Abraham, de God van Isaäk en de God van Jakob. Jezus haalt deze woorden later aan in de discussie met de Sadduceeën over de opstanding: “Dat de doden opgewekt worden, dat heeft ook Mozes al duidelijk gemaakt in de tekst over de doornstruik, waar hij spreekt over de Heer als de God van Abraham en de God van Isaäk en de God van Jakob. Hij is geen God van doden, maar van levenden, want voor hem zijn allen in leven.” (Lukas 20: 37, 38).
God zoekt beroepsweigeraars. Mozes heeft een handvol redenen om de roeping naast zich neer te leggen: hij voelt zich te klein om naar de Farao te gaan (of is hij te bang, als ex-kroonprins?), hij weet niet hoe zijn Zender heet, hij vreest niet geloofd te worden, hij vindt zichzelf geen goede spreker, hij acht zichzelf niet de juiste persoon om naar het paleis te gaan. Zo zijn er tal van andere personen, doorgaans mannen, die Gods oproep in eerste instantie weigeren: Gideon (Rechters 6), Jesaja (Jesaja 6), Jeremia (Jeremia 1: 4 – 10) en Jona, om maar eens een aantal te noemen.
God is er bij. Hij geeft je geen zetje, waarna je het vervolgens alleen moet doen. Als Hij je zendt, gaat Hij met je mee. Hij zet je in met al je mogelijkheden en onmogelijkheden. Tegelijk is Hij je genadig om je bij te staan en met je op te trekken.
Laat dit als woorden van hoop en troost zijn als nieuwe ambtsdrager, als blijvende ambtsdrager en als vertrekkende ambtsdrager.

Tags // , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Trackback from your site.

Leave a comment

You must be logged in to post a comment.