mei
12
2015

Jesse Klaver

GroenLinks heeft een nieuw politiek leider en fractievoorzitter in de Tweede Kamer: Jesse Klaver. Laat niemand op u neerkijken vanwege uw leeftijd, de jongeman is 29 jaar. Maar oom Bram van Ojik vindt het tijd dat in de nieuwe fase ook een nieuwe leider opstaat. Het is Klaver van harte gegund, deze nieuwe “uitdaging”.

Toen ik het nieuws hoorde, dacht ik aan de uithaal die Klaver deed richting de top van ABN-AMRO. “Stuitend” vond hij de forse salarisverhoging. Stuitend. Zou Klaver op dat moment al hebben geweten dat hij de nieuwe leider van GroenLinks zou worden?

Het lijkt me sterk dat deze wisseling van de macht deze week of misschien pas vandaag is georganiseerd. Ik denk dat Klaver zichzelf al aan het profileren was als nieuwe voorman van de linkse partij, toen hij de ABN-AMRO-top boos aansprak. Gezien zijn… ja, gezien wat? Zijn stropdas, zijn ‘mooi boy’-uiterlijk, zijn ervaring als voorzitter van CNV Jongeren (Klaver is van katholieke huize) en de ervaring in de programmacommissies en als campagneleider.

In zijn nieuwe functie als politiek leider en fractievoorzitter is Klaver de jongste ooit. Met zijn 29 jaar is hij jonger dan Hans Wiegel, die enkele dagen na zijn dertigste verjaardag fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer werd.

Dat Klaver de nieuwe leider van GroenLinks is, betekent in ieder geval één ding. Dat mijn generatie niet meer aan de deur staat om leiding te geven aan een politieke partij of een organisatie, maar dat we zelfs al een start aan het maken zijn. We komen er aan!

mei
11
2015

Eindexamen

Vandaag zijn de eindexamens van de middelbare scholen begonnen. Over 2,5 week is de eerste ronde examens afgelopen, en maken we ons op voor de herkansingsperiode. Ik heb zelf ook eindexamen gedaan, uiteraard. Tweemaal. Eerst voor de Mavo in 2002 (ik zat in de laatste lichting onder de oude schoolnaam Mavo), drie jaar later voor de Havo. Het Havo-examen is dus nu tien jaar geleden.

Inderdaad zit er drie jaar tussen de twee eindexamens. Ik heb Havo-4 twee keer gedaan, waardoor ik drie achtereenvolgende jaren in klas vier heb gezeten. Maar ik heb daar geen enkel probleem mee gehad. De drie Havo-jaren waren mijn beste middelbare school-jaren.

Ik heb niet heel veel moeite hoeven doen om mijn examens te halen. Had ik misschien meer mijn best moeten doen? Dat is achteraf gepraat – en achteraf kijk je een paard in zijn kont.

Examens. Voor sommigen een stress-volle periode. Voor anderen een rustige en relaxte periode. Vanwege het -doorgaans- prachtige weer, is het in ieder geval een zonnige periode.

mei
10
2015

Liedboek 75

In steeds meer kerken en gemeentes komt de beamer op. Dat is te begrijpen, want het oog wil ook wat. En als de beamer er dan toch is, kan er ook meer gebeamd worden. De Bijbeltekst, de gezangen. Dat heeft als voordeel dat vakantiegangers en toevallige voorbijgangers gewoon kunnen aanschuiven, zonder dat ze rekening moeten houden met de mee te nemen boekwerken. Daarbij is geen enkele kerkganger meer te verontschuldigen, dat hij zijn Bijbel en liedbundel is vergeten en dus niet actief mee kan doen.

Maar met alle respect, alleen maar beamen verschraalt ook. En beamen is de opmaat voor secularisering onder kerkgangers. Twee gevolgen, die met elkaar te maken hebben, maar niet hetzelfde zijn. Laat ik beide punten bespreken.

Eerst de verschraling. Een goed voorbeeld hiervoor is gezang 75 uit het ‘oude’ Liedboek. Wie in het fysieke Liedboek kijkt, ziet dat dit gezang is opgedeeld in vijf onderdelen, aangegeven met de Romeinse cijfers I t/m V. Elk onderdeel bestaat uit drie verzen (vijftien verzen in totaal, dus). Elk eerste vers is bij elk onderdeel gelijk, evenals elk laatste couplet. Het middelste couplet is in elk onderdeel een ander couplet. Dat betekent dus (vijf keer twee is) tien identieke coupletten, en vijf ‘nieuwe’ verzen. Dit zie je niet als er maar een paar verzen worden gebeamd.

Evenmin zie je bij de gebeamde liederen wie de tekstdichter van dienst is, of wie verantwoordelijk is voor de melodie. Is dat van belang wie de teksten of melodieën heeft gemaakt? Nee, zolang de eer van God wordt bezongen, is de rest van ondergeschikt belang. Maar het helpt je wel om een lied in de juiste context te plaatsen. Als je weet wie de tekst heeft gedicht of de melodie heeft gemaakt, kun je het lied makkelijker begrijpen – mits je iets van die personen afweet.

Dit soort dingen mis je als alles gebeamd wordt. Daar komt bij dat wanneer alles toch op de beamer is te zien, je geen reden hebt om je Bijbel en liedbundel mee naar de kerk te nemen. Je zoekt niet meer op waar het Bijbelverhaal staat, wat eraan vooraf is gegaan, wat er op volgt. Je legt geen briefje bij de tekst of het lied om het thuis nog eens na te kijken of het lied opnieuw thuis te zingen. Je raakt hierdoor minder vertrouwd met het zingen en met Gods Woord.

Het grote risico van dit laatste is de secularisering van de kerkgangers. Want omdat je minder vertrouwd raakt met de Bijbel, neemt de urgentie van Bijbellezen ook af. Er is geen relatie meer tussen de Bijbel in de kerk en de Bijbel thuis. We worden op onze wenken bediend: gaan we Bijbellezen? – dan zien we het op de beamer. Gaan we zingen? – dan zien we dat ook wel vanzelf voorbij komen.

Dit stemt me droef. Ik ben me er van bewust dat ik, als pastor, veel heb met Bijbels, vertalingen, liedbundels, de liturgie. Maar is het teveel gevraagd van de schapen om gewoon de Bijbel en liedbundel mee te nemen naar de kerk? Dit past toch in een gezonde voorbereiding om naar Gods huis te gaan? Of ben ik met deze blog te somber?

Ik vrees van niet, maar mijn mening lever ik graag in voor een betere.

mei
09
2015

Gekend

De afgelopen week werd in de Leeuwarder wijk Heechterp-Schieringen een evangelisatieproject gehouden. De organisatie van dit stadsproject was in handen van een aantal vrijwilligers uit de Morgenster-kerk. Als pastor mocht ik elke middag een Bijbelstudie houden met de vrijwilligers. Waar heb je het dan over, tijdens zo’n week?

Zaterdag, de dag voorafgaand aan het project, hebben we nagedacht over 1 Korintiërs 13. Eén vers stond centraal: vers 12B. Straks zal ik volledig kennen, zoals ik zelf gekend ben, staat in dat vers. Dát is liefde, dat we zelf gekend zijn.

Maandag hebben we gesproken over Hebreeën 11, de geloofshelden. De genoemde helden zijn inmiddels overleden (het was immers Dodenherdenking), maar ze waren wel bekend en werden met naam en toenaam genoemd. Hun God is een God van levenden, ondanks dat ze zijn overleden. Deze wolk van geloofshelden mag ons inspireren.

Dinsdag was het Bevrijdingsdag, en stond de wet (de Deuteronomium-versie) centraal. We mogen elke week één dag rust houden, om niet opnieuw slaaf te worden – van werk of geld.

Woensdag stonden we stil bij Handelingen 17 vers 16 tot 34, waarbij Paulus zijn boodschap laat aansluiten bij wat het publiek wel kent. Mooi om in dit gedeelte te lezen dat ook hier mensen, genoemd bij hun naam, bekeerd zijn – mede dankzij Paulus’ evangelisatiewerk.

Donderdag lazen we een gedeelte uit Filippenzen 4, de verzen 1 tot 9. Ondanks alle verdrukking en vervolging, draagt Paulus de Filippenzen op om vreugdevol te zijn en hierin vol te houden. Ook als je begrijpelijke reactie is dat je wraak wilt nemen. Op die manier wordt Christus’ komende koninkrijk al een stukje zichtbaar op aarde.

Vrijdag was de afsluitende dag. Toen was het gelezen gedeelte Johannes 1, de proloog waarin de evangelist vertelt over de goddelijke natuur van Jezus. En laat Johannes zien dat we God kunnen kennen door Zijn Zoon. Als afsluiting hebben we geluisterd naar het lied Ken Je Mij, gezongen door Trijntje Oosterhuis. Dit lied is een bewerking van psalm 139, opnieuw vertaald door Trijntjes vader Huub.

Ik heb in het stadsproject vanuit de Morgenster-kerk een kleine bijdrage mogen leveren. Maar ik was dankbaar voor dit kleine schakeltje. Of het werk effect heeft gehad? Ach, daar gaan wij niet over. We mogen zaaien en water geven, maar de oogst is aan Hem.

mei
08
2015

Nick Clegg

320px-NickCleggJune09

 

De Liberal Democrats van Nick Clegg heeft gisteren een forse nederlaag geleden bij de parlementsverkiezingen in het Verenigd Koninkrijk. De kleinste van de twee Britse coalitiepartijen krijgt nog geen tien zetels in het Lagerhuis, terwijl de partij tot gisteren nog 56 zetels in bezit had. De kans zit er dik in dat Clegg vrijdag opstapt als frontman van de Lib Dems.

Hoewel ik geen anglofiel ben, heb ik wel een zwak voor Clegg. Omdat hij meerdere talen spreekt en omdat hij half-Nederlands is. Zijn moeder was Hermance van den Wall Bake en was geboren op Sumatra. Clegg spreekt naast Engels ook Nederlands, Frans, Duits en Spaans. Bijzonder, zo’n meertaligheid.

Daar ben ik zelf wel jaloers op, dat je makkelijk kunt schakelen tussen deze verschillende talen. Hetzelfde heb ik bij de voormalige Deense voetballer Kenneth Perez. Hij spreekt uiteraard Deens, maar ook vloeiend Nederlands, Duits en Engels. Kon ik dat ook maar. Aan mij zijn weer andere talenten vergeven, vermoed ik.

Enfin.

Nick Clegg. Hij zal waarschijnlijk na dit weekend goed moeten nadenken over zijn politieke toekomst. Zou het voor hem een mogelijkheid zijn om naar Nederland af te reizen, en zich aan te melden bij de politieke vrienden van D66? En zou hij op die manier zich verkiesbaar mogen en kunnen stellen voor het Nederlands parlement? Of mag je niet op een kieslijst in Nederland, omdat je een ander parlement en regering hebt gediend, als politicus?

Het is het uitzoeken waard, lijkt me. En wat mij betreft is Clegg een prima aanvulling op onze politiek.

mei
07
2015

Lutherse Kerk

De Lutherse Kerk aan de Nieuwe Oosterstraat in Leeuwarden wordt gerenoveerd. Begin volgend jaar staan de steigers rond het pand; de diensten vinden plaats in de bovenzaal. Het is een mooi gebouw, randje binnenstad. Het kerkgebouw heeft iets weg van een schuilkerk, omdat het van de buitenkant niet oogt als een kerk. Toen ik er voor de eerste kwam, moest ik zoeken naar de Lutherse Kerk. Later raakte ik er vertrouwd, en wist ik zelfs het pand te betreden via de achteringang. Maar dat kwam later pas.

Deze gemeente maakt deel uit van de Protestantse Kerk in Nederland. Dat is de vrucht van de oecumene sinds de Reformatie. Toen Maarten Luther in 1517 zijn 95 Stellingen tegen de kerkmuur te Wittenberg, was dat het begin van een aantal kerkscheuringen. In 2004 is een deel van die scheuringen ongedaan gemaakt, toen de Gereformeerde Kerk (synodaal), de Nederlands Hervormde Kerk en de Luthers-Evangelische Kerk samengingen. Daar ging wel een samen-op-weg-traject van decennia aan vooraf.

Ondanks dit samenvoegingsproces, ontstonden in 2004 opnieuw kerkscheuringen. Een aantal synodaal-gereformeerde kerken gingen niet mee in de PKN, evenmin een groter aantal hervormde gemeenten. Zij vormden eigen kerkverbanden, de voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland en de Hersteld Hervormde Kerk. Op lokaal niveau spreken deze kerken met andere Bijbelvaste kerken, zoals de Nederlands Gereformeerde Kerk, de Christelijk-Gereformeerde Kerk en de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt). Lokale initiatieven, dat wel.

De Lutherse Kerk. Een verbouwing van 70,000 euro. Het orgel is niet meegenomen in de begroting, die wordt later gerestaureerd. Het zijn de gelovige kerkgangers gegund dat het gebouw goed verzorgd is. Ik wens ze ook van harte toe dat ze naast een mooi en keurig gebouw ook de Bijbel ter harte nemen. Wat dat betreft is een gebouw slechts de verpakking, terwijl het moet gaan om de inhoud.

mei
06
2015

Hans Jansen

Gisteren overleed Hans Jansen, bekend als arabist en getuige in het haatzaai-proces tegen Geert Wilders. Na zijn werkzaam leven werd de voormalige hoogleraar politicus. Namens de PVV ging Jansen naar Brussel, waar hij formeel nog geen jaar in dienst was toen hij overleed.

De website Parlement.com, die over elke politicus een biografie heeft staan, vertelt dat Jansen gereformeerd was, maar sinds 1988 Rooms-Katholiek. Tijdens zijn studie was Jansen ook lid sociaaldemocratische studentenvereniging “Politeia”. De overleden Europarlementariër studeerde theologie, Hebreeuws, filosofie, Aramees en Arabisch aan de Universiteit van Amsterdam (van 1960 tot 1964) en de aansluitende vier jaar arabische taal- en letterkunde te Rijksuniversiteit Leiden (met de bijvakken Turks en Midden-Oostenstudies, volgde in 1966-1967 een jaar Arabisch en Islamitische studies aan de Universiteit van Cairo), meldt Parlement.com.

Hoe is het allemaal zo verlopen? Wie wordt van gereformeerd Rooms-Katholiek? Een opmerkelijke stap. Zijn contacten met onder meer Theo van Gogh en Wilders lieten Jansen radicaliseren in zijn negatieve kijk op de islam. Ik weet het niet, ik heb er ook geen verklaringen over gelezen. Geen goed In Memoriam. Misschien komt dat nog.

Misschien ook niet.

mei
05
2015

Arabist en PVV’er Hans Jansen overleden

BRUSSEL – De arabist en Europarlementariër Hans Jansen is dinsdagochtend overleden. Hij is 72 jaar oud geworden. Jansen kreeg zondagochtend een herseninfarct, schrijft zijn familie. “Na een dappere eigenwijze strijd met humor en tederheid is hij vandaag rond 11 uur overleden, omringd door zijn familie.”

Zijn uitgever roemt Jansen om zijn humor en zelfspot. “We gaan hem heel erg missen, zijn ontwapenende lach, zijn altijd weer stoute blik, zijn scherpe tong en zijn gulle hart.”

Jansen schreef 17 boeken over de islam en andere religies. Ook werkte hij mee aan een Nederlandse vertaling van de Koran. De afgelopen jaren schreef hij columns voor de weblog Geenstijl. Het eerste deel van zijn carrière was Jansen mild over de islam. Aan het begin van deze eeuw veranderde zijn houding. Hij raakte bevriend met Theo van Gogh en Ayaan Hirsi Ali en werd steeds kritischer op de godsdienst.

Jansen adviseerde in 2008 Geert Wilders bij diens anti-islamfilm Fitna. Twee jaar later was Jansen getuige in het proces tegen de PVV-leider, die werd verdacht van haatzaaien en discriminatie.

Jansen nam het op voor Wilders. Zo verklaarde hij dat wat Wilders had gezegd ook werkelijk in islamitische teksten te vinden is. In juni 2011 werd de Wilders vrijgesproken.

Sinds juli vorig jaar zat Jansen voor de PVV in het Europees Parlement. PVV’ers Geert Wilders en Marcel de Graaff noemen Jansen in een verklaring een bijzonder mens. “Hij inspireerde ons met zijn eruditie, zijn humor en zijn beminnelijkheid. Hij was een autoriteit op het gebied van islam, had een snelle geest en een scherpe pen. Met hem is een belangrijke steunpilaar van onze fracties heengegaan.”

Bron: NOS.nl

mei
05
2015

Oorlogsliteratuur

Deze dagen staan uiteraard in het teken van Dodenherdenking en Bevrijdingsdag. De verschillende televisie-zenders tonen de mooiste oorlogsfilms. Der Untergang. Anne Frank. Schindler’s List. Belangrijke films en documentaires, daarover geen twijfel. Maar er is natuurlijk meer, want film vormt niet de enige kunstvorm.

Willem Wilmink schreef het gedicht Ben Ali Libi, tien jaar geleden emotioneel voorgedragen door Joost Prinsen. Verder kennen we uiteraard de Dagboeken van Anne Frank, in de verschillende versies (Het Achterhuis, De Dagboeken, de vertalingen). Biografieën over Anne en haar familie(leden) geven een beeld van de Tweede Wereldoorlog.

Behalve het dagboek van Anne Frank, zijn er meer oorlogsdagboeken. Zoals dat van Etty Hillesum. Of neem het boek Selma van Ad van Liempt. Selma is een van de schaarse overlevenden van concentratiekamp Sobibor; zij hield na haar vlucht uit dit kamp een dagboek bij, en haar verhaal is door Van Liempt vijf jaar geleden naar buiten gebracht. Er zijn er dus veel meer, documents humain die de oorlog weergeven, zoals de “gewone man” dat beleefde tussen ’40-’45.

Een mooi boek over de oorlog is Verloren – Op Zoek Naar Zes Van De Zes Miljoen van Daniel Mendelsohn. De auteur kreeg op verjaardagen vaak te horen dat hij zo ontzettend leek op zijn oud-oom Sjmiël. Reden voor hem om op zoek te gaan naar het verhaal van die oud-oom. Zoals het een goede jood betaamt, is het boek Verloren een uitstekend gestileerd verhaal geworden.

Net zo indrukwekkend, maar minder “groots” is de zoektocht van Aad Wagenaar, journalist van onder meer de Haagsche Courant. Wagenaar ging op zoek naar het meisje, dat uit de wagon naar buiten keek – een scene uit de Westerbork-film van Rudolf Beslauer. De journalist ontdekte dat dit zigeunermeisje Settela Steinbach heette. En dat zij met een deel van haar familie -moeder en vijf van haar negen broertjes en zusjes- in Auschwitz is vergast.

Het zijn geen leuke verhalen, die verslagen uit en over de Tweede Wereldoorlog. Dat is geen reden om die verhalen maar te laten liggen. Integendeel, juist nu de oorlog steeds verder achter ons ligt, is het goed om die verhalen te blijven vertellen.

mei
04
2015

Vier mei

Net als andere jaren, stond ik vanavond bij het Joods Monument in Leeuwarden. En elk jaar opnieuw verbaas ik me over de vreemde driehoeksverhouding op het Jacobijnerkerkhof. Het Monument zelf, met daarnaast de Joodsche School, 1886 – 1943. Met het opschrift: Het kind is er niet meer.

Aan de andere kant de Grote of Jacobijnerkerk. De Rooms-Katholieke Kerk had geen goede naam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Welke kerk eigenlijk wel?

En dan is er nog die Juliana-boom. De prinses was tijdens de oorlogsjaren niet in haar eigen land. Was haar dat te verwijten? Kunnen we het onze koninklijke familie kwalijk nemen dat ze tussen ’40-’45 op Engels grondgebied waren?

Enfin. Het Joods Monument.

In de Grote Kerk werd een herdenkingsconcert gehouden. Nadat dit concert was afgelopen, vertrokken de aanwezigen naar de plek voor hun eigen Dodenherdenking. Het Joods Monument lieten ze en masse links liggen, vaak ook nog letterlijk.

Niemand van wie in de Grote Kerk aanwezig was, bleef bij het Joods Monument. Ik wel. Maar ik was dan ook niet bij het herdenkingsconcert. Tegen acht uur kreeg ik gezelschap. Van een echtpaar. Van een gezin met een zoon en een dochter. Een oudere mevrouw. Een echtpaar van middelbare leeftijd. In totaal waren we met vijftien mensen.

Geen ceremonie of iets. We hoorden geen muziek. Slechts de klokken luiden. Na een aantal minuten hoorden we evenmin de twee bekende coupletten van het Wilhelmus. We besloten maar te gaan, toen we op onze horloges en telefoons zagen dat de twee minuten waren verstreken.

Twee minuten, slechts. En toch werden we gestoord. Door een ongeïnteresseerde jongen, met witte oordopjes in zijn oren. Door jongeren, die gezien hun getintere huidskleur een andere band hebben met de oorlog.

Na die twee minuten liep ik weer naar huis. Het waren twee minuten, maar. Kon ik iets anders doen? Het zijn maar twee minuten, maar dat was het minste wat ik kon doen, om zo de Leeuwarder Joden te gedenken.