jul
30
2021

Roeping of ideaal

Author // frits_tromp1
Posted in // Ds. van Zanten

Vorige maand maakte het bestuur van de Theologische Universiteit Kampen bekend dat de universiteit zich voorbereidt op een verhuizing naar Utrecht. Ook de Protestantse Theologische Universiteit zal verhuizen, van twee locaties naar één. Verhuizing is meer dan re-locatie. Of misschien is het wel beter om te zeggen: locatie zegt iets over je ideaal. Ik gebruik dit blog maar voor een paar gedachten over een ideale theologische universiteit.

Locatie en ideaal
Hoe locatie en ideaal samenhangen, blijkt uit een anecdote van Willem-Jan de Wit, werkzaam in Egypte aan het Evangelical Theological Seminary. Hij haalt een herinnering op aan het ontstaan van het seminarie:
“Het Evangelical Theological Seminary in Cairo is begonnen op een zeilschip dat over de Nijl voer: studeren aan boord en preken in de dorpen kon zo hand in hand gaan.” (@willemjdewit, Twitter, 9 juli 2021)
De plaats waar een theologische opleiding ontstaat, zegt iets over roeping of ideaal. ‘Studeren aan boord en preken in de dorpen’ laat een dynamische aansluiting zien tussen theologische vorming en levende geloofsgemeenschappen.
Dat heeft overigens oude papieren. Toen in de 12e en 13e eeuw in Europa de eerste universiteiten ontstonden, kwamen die voort uit de kathedraalscholen. Waar gezongen en gebeden werd, waar het leven met God geleefd werd, ontstond het verlangen naar begrip. Theologische kennis komt voort vanuit een passie voor de dienst aan God, zoals fysica voortkomt vanuit een passie voor het doorgronden van de geschapen werkelijkheid. Het zeilschip op de Nijl of de kathedraal-school illustreren beiden de contextualiteit van theologisch onderwijs.
Welk ideaal wordt met de locatie van een theologische universiteit uitgedrukt?

Dichtbij geloof: Fides Quaerens Intellectum
Zoals alle wetenschap is theologie ontstaan vanuit verlangen naar begrip van de werkelijkeid: voor dat wat zich aan ons voordoet. De eerste serieuze theologie-beoefening ontstond vanuit de werkelijkheid van het geloof; de aanbidding van God leidde tot de vraag om intellectueel begrip. In de theologie gaat het dan om de fascinatie voor het mysterie van de Drie-ene en de verwondering over heil voor heel de schepping, mens, dier en kosmos. Voor minder gaat het niet.
De gelovige zoekt te begrijpen wat in het geloof zowel gegeven is, als mysterie blijft. Zoals de natuurkundige zich verdiept in de meest basale fysische verschijnselen die zich aan de mens voordoen, maar in die zoektocht naar begrip stuit op deeltjes en fenomenen die alleen via theoretische constructies voorstelbaar en te begrijpen zijn. Niet voor niets houdt theologie zich dus bezig met bronnen (Bijbel), ideeën (dogmatiek) en geleefd geloof (prakijken).
Zonder de kloof met religiewetenschappers, godsdienstpsychologen en -sociologen te groot te maken, is de theoloog toch vooral geinteresseerd in de gelovige respons op de openbaring van de Drie-ene, hoe die openbaring begrepen moet worden en leidt tot gemeenschappen van gelovigen.

Dichtbij de kerk: een ‘collaborative curriculum’
Nu is die gemeenschap van gelovigen de afgelopen decennia op het Noordelijk halfrond nogal gedecimeerd. Dat de theologie daarmee in omvang en daarmee in invloed is afgenomen, neemt niet weg dat de eerste roeping van de theologie de dienst aan de kerk is: het is de reflectie op het geleefde geloof en de bestudering van geloofsprakijken: wat we geloven, hoe we geloven en waarom we geloven.
Theologie wil het hoe en waarom van lofprijzing en dienst aan God begrijpen, over welke God dat gaat en wat dat betekent voor het alledaagse leven en de omgang met de wereld. Daarmee is de kerk de eerste maatschappelijke partner van de theologie. Maar, theologie in de buurt van de kerk heeft een dubbele verzoeking: het kan verzuilde theologie worden, voor de eigen beperkte kring; het kan ook grijze theologie worden, voor de grootst gemene deler.
Een uitdagende visie bieden De Beer en Van Niekerk in hun artikel Transforming curricula into the next century: doing theology collaboratively with local communities[1]. Een benadering van academisch theologisch onderwijs in constante interactie met lokale gemeenschappen, waardoor kennisconstructie voortdurend onder kritiek staat en het onderwijs zowel theologiebeoefening als lokale gemeenschappen transformeert. Dan is de kerk geen exclusieve maatschappelijke partner, maar wordt het theologisch onderwijs gepositioneerd binnen de lokale samenleving waardoor kennisuitwisseling ontstaat met het oog op uitdagingen in kerk en samenleving.

Dichtbij de universiteit: Academische ‘Bildung’
In zijn beschrijving van zeven hervormingen van theologische curricula beschrijft Henk de Roest[2] het pleidooi van de negentiende eeuwse Wilhelm von Humboldt voor een ‘wetenschappelijke geest’: academische vrijheid (wetenschap onafhankelijk van de staat); integratie van onderwijs en onderzoek; en voortgaand wetenschappelijke onderzoek. Theologiebeoefening kan niet zonder deze drie.
Von Humboldt – en in zijn spoor Friedrich Schleiermacher – verzette zich tegen utilisme. Onderwijs valt niet samen met praktische know-how, en onderzoek moet fundamenteel blijven. Academische vorming is vooral de vorming van de menselijke geest, ook van de gelovige geest.
In zijn klassieker The Idea of a University (1852) schrijft John Henry Newman over de universiteit als een gemeenschap van denkers. Het intellectuele bedrijf heeft een doel in zichzelf. Maar, zo betoogt Newman, een echte universiteit is algemeen en kan niet zonder theologie. In de 21e eeuwse Nederlandse situatie is dat nog maar moeilijk voorstelbaar. Theologische universiteiten bestaan feitelijk maar uit één faculteit. Toch zal de theologie het ideaal van Newman niet zomaar moeten opgeven. Voor je het weet wordt theologiebeoefening iets sektarisch. Het vraagt om intensieve samenwerking met een multi-facultaire, algemene universiteit om het brede kennisideaal van ‘academische Bildung’ werkelijk gestalte te geven.

Noten
[1] De Beer, S. F., & Van Niekerk, A. S. (2017). Transforming curricula into the next century: Doing theology collaboratively with local communities. Verbum et Ecclesia, 38(4), 213-242. https://doi.org/10.4102/ve.v38i4.1683

[2] Roest, H. de. (2019). Collaborative Research in Practical Theology. Engaging Practitioners in Research on Christian Practices. Brill, 58.

Bron: Theologie.nl

Tags // , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Trackback from your site.

Leave a comment

You must be logged in to post a comment.